Na een heftig nachtje in weer eens een slaapbus kwamen we al heel vroeg in Ho Chi Minh City aan. De locals noemen dit ook wel Saigon wat de oude naam van deze stad is. We wilden naar het hotel gaan lopen, maar voelde ons niet heel veilig en besloten een taxi te regelen. Aangekomen bij het hotel kregen we weer eens een andere kamer dan geboekt. Nadat we dit hadden geregeld gingen we snel even bijslapen. Daarna maakte Hanna een rondje door de stad langs de bezienswaardigheden. We bezochten Japan Town, wat stiekem best wel tegenviel, maar ook het Independence palace en het heerlijke parkje er tegenover. Daarna liepen we naar de walking street. Overdag gebeurd daar niet veel, maar in de avond is het één groot gekkenhuis. Keiharde muziek, dansende halfnaakte vrouwen en heel veel restaurants. Daar aten we weer eens heerlijke loempia’s en dronken we een drankje.
Ook de volgende dag gingen we weer met de benenwagen op stap. Het regende echter zo hard toen we wilden gaan dat we besloten ons rondje andersom te doen en ons eerst door de taxi af te laten zetten bij het war renmanst museum. We wilden graag wat meer leren over de verschrikkelijke oorlog die hier is geweest en ons voorbereiden op de tour van morgen. We verbaasden ons weer eens over de bizare gruwelijkheden die mensen elkaar aan konden doen en leerden ook veel over de gevolgen van Agent Orange, het gifgas waarmee zoveel mensen zijn vergiftigd. We zagen de indrukwekkende foto van het meisje dat naakt wegrend voor dit gif en beseften ons ineens dat dit ook hier plaats had gevonden. Nadat we ook buiten naar alle vliegtuigen en andere oorlogsvoortuigen hadden gekeken was het droog en begonnen we weer met wandelen.
We liepen langs het opera huis, de notre dame, de Saigon rivier en zagen veel terug van de Franse invloeden in de gebouwen. We sloten de dag af op een marktje waar we nog wat leuke souveniertjes kochten. Daarna aten we in één van de leuke straatjes heerlijke curry en zoetzure kip en natuurlijk weer loempia’s. Daarna gingen we lekker naar het hotel, we moesten nodig weer eens bellen met iedereen uit Nederland en daar gebruikten we de avond lekker voor.
De volgende ochtend deden we rustig aan en haalden we wat ontbijt. Daarna werden we opgehaald om nog een keertje op tour te gaan. We bezochten de Cu Chi tunnels. We hadden een gezellige Nederlandse groep. De gids vertelden ons veel over alles wat er hier plaatsvond. De Cu Chi tunnels zijn, zoals de naam al zegt, tunnels onder de grond. Het was bijna een dorp op zich met een keuken, slaapzaal, wapenkamer en meer. Die waren allemaal met elkaar verbonden door smalle tunnels. Hier waren ze moeilijker te vinden voor de Amerikanen. Ze hadden allemaal innovaties bedacht. Zo hadden ze bijvoorbeeld luchtsystemen ontwikkeld door bamboo door gaten naar buiten te laten gaan. Die gaten verstopten ze in aarde dat we zo neerlegde dat het op termietennesten leken. En ze zorgde ook dat de tunnels in verschillende lagen waren. De laagste laag was aangesloten op de Saigon rivier. Zo konden ze, als ze gevonden worden, niet verdronken worden door het water dat de Amerikanen erin gooiden. We leerden ook dat de gevolgen van agent Orange nog zeker drie generaties doorleven in de mensen en zorgen voor onder andere beperkingen en leerproblemen. We liepen zelf ook een stukje door 1 van de tunnels en het was moeilijk om je voor te stellen dat ze daar soms wel een jaar in zaten. Nadat we weer anderhalf uur terug reden werden we weer afgezet bij het hotel. We pakten snel onze spullen in en aten weer wat in de stad.
Op onze laatste dag gingen we weer lekker wat tentjes af en namen we nog een keer een massage. Daarna haalden we onze spullen weer op bij het hotel en reisden we naar de airport. Vandaag stond reisdag 1 op de planning en reisden we terug maar Thailand. We boeken graag de goedkoopste tickets, maar soms heb je daardoor wel lange reisdagen. We kwamen in Thailand aan, maar de douane duurde belachelijk lang. We stonden ruim 1,5 uur in de rij voordat we er door mochten. Midden in de nacht liepen we richting ons hotel waar we een paar uur konden slapen. We haalden natuurlijk nog even eten bij de 7/11. Onze favoriete supermarkt van heel Azië en doken snel ons bedje in.
We moesten ook wat spullen herinpakken en dat deden we de volgende ochtend. We ontbeten natuurlijk ook weer bij de 7/11 en namen heel lui een taxi naar de andere airport. Daar waren we ruim 4 uur te vroeg, maar dat bleek maar goed ook. We wilden alvast inchecken, maar werden daar al helemaal ondervraagd. We werden er voor het eerst uitgepikt. Hanna moest mee met de supervisor en ook Bryanne werd stevig ondervraagd. We reizen naar Israël en die hebben ontzettend strenge inreisregels. Ons hele verhaal werd gecheckt en we zijn bijna een uur ondervraagt. Dat was stiekem best intens. Uiteindelijk waren we goedgekeurd, maar moesten we wel een deel van onze handbagage inchecken. Gelukkig was dat gratis en voor ons dus ook prima.
Nadat we door de beveiliging en langs de douane waren geweest konden we nog net wat eten halen, want een uur van te voren moesten we bij de gate zijn. Ook daar werden we er weer uitgepikt. Alles werd gecheckt. Onze bagage werd helemaal opengemaakt en gecontroleerd, maar ook wijzelf. Uiteindelijk konden we nog net ons eten opeten voordat we het vliegtuig in stapten en in 8 uur naar Tel Aviv vlogen. We hadden ons, door al het gedoe, voorbereid op een hele ingewikkelde douane met veel vragen, maar na de vraag hoe lang we bleven mochten we zo door.
Buiten ontmoette we Babette, de moeder van Bry, en wachten we op onze koffer. We hadden voor deze keer alvast een transfer geregeld naar ons hotel. Dat scheelde met drie personen zelfs nog wat geld. Alles over de bijzondere wijk waar we terecht kwamen en wat we allemaal deden in Tel Aviv lees je weer in het volgende blog!


























Geef een reactie